RozemarijnOnline




Gastenboek van RozemarijnOnline






















Gastenboek literaire website RozemarijnOnline

Vraag en antwoord

home           gastenboek




Onderwerp: Gedicht van Potgieter
(16 januari 2016)


Beste Rozemarijn,

Per toeval kwam ik op uw site terecht en ik zag dat u onwijs goed bent in het analyseren van gedichten, dus u leek mij de geschikte persoon om mij te helpen.

Ik zit in mijn examenjaar van het VWO en ik heb volgende week mijn Nederlands mondeling. 'Ada's Bruiloftsfeest' van Potgieter is een van de gedichten die ik moet bespreken, alleen ik kom er niet uit. Ik heb het talloze keren gelezen, maar ik begrijp het gedicht nauwelijks.

Zou u mij kunnen helpen?

Alvast bedankt,

Sigourney.

---

Ada's bruiloftsfeest

De stormwind gierde met dof gedruis;
Ik dwaalde treurig om Ada's huis;
Daar binnen blonk met rode schijn
De bruiloftstoorts op 't blank satijn,
Daar binnen klonk zo rein en schoon
De zilv'ren snaar met zoete toon.

De stormwind gierde met dof gedruis;
Ik dwaalde grimmig om Ada's huis,
Daar binnen stond, die 't woord mij gaf
Van liefde en trouwe tot aan 't graf;
Daar binnen stond ze in 't bruiloftskleed
En gaf Costijn haar huwlijkseed.

De stormwind gierde met dof gedruis;
Ik rende razend in Ada's huis.
Daar binnen stond ze en werd zo bleek,
Dat ze aan de sneeuw in kleur geleek;
Daar stond Costijn en zag naar mij
En staakte fluks zijn kozerij.

De stormwind gierde met dof gedruis;
'k Doorstak de bruigom in Ada's huis;
Daar binnen stond ze, en 's bruigoms bloed
Stroomde op 't satijn met purp'ren gloed;
Daar zonk ze neer, nu bleek, straks rood...
Toen 'k haar omhelsde was ze dood.

De stormwind giert nog met dof gedruis,
En 'k dwaal weer treurig om Ada's huis.
Daar stond ze eens in haar volle praal,
Zo schoon als de ochtendzonnestraal...
Ze is bleker thans; hoor 't klokgebrom!
Ach, Ada roept me... Ik kom! ik kom!...


E.J. Potgieter (1833)





Antwoord     (19 januari 2016)


Dag Sigourney,

Om de betekenis van het gedicht 'Ada's bruiloftsfeest' van Potgieter te begrijpen, is het handig om een aantal dingen vooraf te weten.

Potgieter publiceerde dit gedicht in 1833 in het tijdschrift Vriend des Vaderlands (hij was toen 25 jaar oud). Dit betekent dat het tot zijn vroegste werken behoort, want zijn eerste dichtbundel dateert van 1836 (gedichten in tijdschriften vanaf 1827).

In het tijdschrift waarin dit gedicht werd gepubliceerd, staat er een jaartal achter de titel van het gedicht: 'Ada's bruiloftsfeest (1284)'. Dit betekent dat het gedicht zich afspeelt in de 13e eeuw, in de late Middeleeuwen dus.

Hoewel Potgieter kritiek had op de Romantiek, heeft dit gedicht toch kenmerken van een romantisch gedicht: het gevoel staat centraal (m.n. sentiment, melancholie, weltschmerz, soms leidend tot zelfmoord) en het speelt zich af in een ver verleden (m.n. Middeleeuwen).

Potgieter schreef vaker over historische periodes en onderwerpen (vooral over de gouden eeuw).

Iets heel anders is, dat Potgieter in 1831-1832 een jaar door Scandinavië had gereist. Tijdens deze reis was hij verschillende keren verliefd geweest, mogelijk zelfs verloofd, maar dit was op niets uitgelopen. Het meisje dat hij het meest aanbad, trouwde zelfs in dat jaar met een ander. Gemeld wordt, dat zijn stemming tijdens die reis en ook naderhand 'somber en melancholisch' was.


Met deze achtergronden kunnen we nu naar de inhoud van het gedicht gaan kijken.

Elke strofe begint met eenzelfde zin 'De stormwind gierde met dof gedruis', wat mogelijk een natuurbeeld is dat de stemming van de 'ik' weerspiegelt: stormachtig, dof, onaangenaam, koud, mistroostig, heftig, o.i.d.

In de 1e strofe dwaalt de 'ik'-persoon rond het huis van een zekere Ada. Binnen in het huis wordt de bruiloft van Ada gevierd (r. 4, ook de titel). Er brandt een 'bruiloftstoorts' (een fakkel, een middeleeuws beeld) en er wordt gespeeld op een snaarinstrument (een harp wellicht, of een luit).

In strofe 2 vermeldt hij dat Ada ooit 'haar woord van liefde en trouw' aan hèm gaf. Blijkbaar waren Ada en de 'ik' (die nu buiten in de kou staat) ooit van plan te trouwen. Nu echter, legt ze de huwelijkseed in huis af met een zekere Costijn (een nogal ouderwetse naam, afkorting van Constantijn, doet ook oud of middeleeuws aan).

In strofe 3 stormt de 'ik' het huis binnen. Als Ada hem ziet, wordt ze bleek. Costijn stopt meteen met het minnekozen, het lief strelen, van Ada.

In strofe 4 gaat het dan helemaal mis. De 'ik' steekt de bruidegom neer. Zijn bloed stroomt over alles heen. Ada zakt ineen. Als de 'ik' haar omhelst, blijkt ook Ada dood te zijn. Het gedicht vermeldt niet hoe dat komt. Heeft de 'ik' haar ook gestoken? Of heeft ze zichzelf wat aangedaan bij de aanblik van haar dode bruidegom? Of sterft van schrik of een gebroken hart? Het verhaal vertelt het niet.

In de laatste strofe is de 'ik' treurig. Ooit stond Ada prachtig in haar huis. Nu is ze 'bleker': ze is dood (en dus lijkwit). De zin 'Hoor het klokgebrom' verwijst mogelijk naar de doodsklokken, die luiden voor haar begrafenis. De 'ik' heeft het gevoel dat hij Ada hoort roepen, dat Ada hem bij zich roept. De slotwoorden 'ik kom' zijn dan ook onheilspellend: alleen in de dood kan hij nog samen met Ada zijn, dus het lijkt erop dat hij van plan is zich van het leven te benemen.


Het gedicht 'Ada's bruiloftsfeest' is een verhalend gedicht, waarin dramatische gebeurtenissen met een fatale afloop, en heftige gevoelens centraal staan.

Het is mogelijk dat de teleurstellingen in de liefde die Potgieter zelf had ervaren, een inspiratie vormden voor het gedicht. In fictie kun je dingen dramatischer laten gebeuren dan je in werkelijkheid zou doen. Echter, door nadrukkelijk een jaartal achter de titel te zetten en het gedicht zich in de Middeleeuwen te laten afspelen, verwijdert Potgieter het gedicht bewust van de suggestie dat er autobiografische elementen in zouden kunnen doorklinken.


Ik hoop dat dit je verder brengt bij het begrijpen en uitleggen van dit gedicht.

Ik wens je veel succes met je mondeling. Met vriendelijke groet,

Rozemarijn.

Gedichten met een bespreking








Versanalyse en interpretatie


Home           Gastenboek