RozemarijnOnline




Utrechts
dichterscollectief
Ithaka


























gedichten uit Ithaka


Tanya van der Wacht



 






Element


Je breekt de dag met brood en muntthee
aan - leest kreupelhout, ontsteekt het vuur,
kruit twee voer hooi, strooit graan - oogst

postelein, prei, pastinaak - spit
in voormalig oerwoud om - plant
rad rapunzel in verband.

Onder je zwarte hand rijpt licht
het idee: ruim hak en hark aan kant
rijg laarzen los, snijd kool en worst

tijg gesterkt ruwweg aan het werk:
de keerzij van het klad ligt klaar.
Raap je beperkingen bijeen

en raak binnen de lichtkring van de lamp
steeds dichter in je element -
de ban van het nog onbekende -


Tanya van der Wacht

In: bundel Nationale Poeziedag Dendermonde, 2007.









Rekel


In het holst van de heuvel berg
ik mijn buit, scherp scheurkies, klauw,
likkebaard - bekokstoof tersluiks.

Vermom de sprong tot de oren gespitst:
vallende ster, kometenstaart -
in de luren met laag en list.

Op streek door de uitgeslapen nacht -
het witst van de maan zit me dicht
op de vacht - op heterdaad -


Tanya van der Wacht

In: Schoon Schip, nr. 3, 2008.









Vader


Op zondagochtend was het vaste prik -
de afgemeten stuwende muziek
verhelderde heel het appartement

en spoelde om het goudgroen meubilair
dat breekbaar leek onder zijn stentorstem -
jeugdjaren blootgesteld aan J.S. Bach.

Later die dag stak zijn markante neus
- haast à la Bergerac - achter het duin
voor spreekwoordelijk fris en in een boek.

Nog later zaten wij met Muscadet,
gegrilde kip en Billie Holiday -
de zondag stond en viel met de LP.


Tanya van der Wacht

(2007).









Tendre Violette


Dolend door jouw zonbestoven land
vouwt het woud zich vaster om me heen -
wilder, grimmiger en stiller.
Aanhoudend waakzaam word ik als het bos.
Mijn adem ruist door de bomen
voor mij uit naar het magische Mandrayzie.
Verscholen in het heden.
Dichtbij, veraf als fantasie.
In jouw stilzwijgende woud.

Afwezig ben je des te werkelijker.
Mijn aandacht vangt je in een web
doorschijnend van betekenis:
Ik volg elk spoor en elke stronk wordt steen -
een fundament waarop ik verder bouw.
Gespitst tot in mijn oren word ik een
met al het groene zwijgen om mij heen
waardoor jij lachend en blootsvoets verdween
in jouw gouddoorgloeide woud.

Nog stiller word ik dan het bos.
Ik laat mijn adem los, vergroeiend met de bomen,
verlaat mijn dromen en word ondoordringbaar.
En nu, nu er geen weg terug is, zie ik haar
komen: geruisloos rode vos
de onbevreesde, die noch vecht, noch vlucht
maar mij alleen laat in mijzelf besloten.
Geen fee, geen boskat geeft zich prijs -
Ik zoek niet verder, reis
door jouw ondoordringbaar woud.


Tanya van der Wacht

(2000).









Violette


Er vallen gaten in de halfvergane
kaart die mij misschien omringt. Alles
valt van me af, valt in het niet tot op

jouw beelden op mijn netvlies déjà vu -
hier in jouw land naadloos uit hun verband
gerukt. De dichter krap betrapt

op ongerijmdheden - een intrigerend gat
rond elk motief: de visbrug, het lavoir,
de jachthut door narcissen wild omsingeld.

En toch - die witte plek hier op de kaart
blijkt fel bewaarheid in het maartse licht:
bosanemonen, Charolais en dit

viooltje.


Tanya van der Wacht

(2008).






Copyright

© De gedichten mogen niet worden overgenomen zonder toestemming van de betreffende auteur (mail naar:  berichtje[at]rozemarijnonline.net  of klik op: berichtje<at>rozemarijnonline.net).


Uitgaven

Benieuwd geworden naar meer poëzie uit Ithaka?
Bestel dan de bundel Onbekende havens (2002, € 9,00) of de dichtbundel Zomermorgens (2012, € 9,95).




Lees ook gedichten online van: