RozemarijnOnline




Versanalyse en interpretatie
-
korte bespreking gedicht






















Versanalyse en interpretatie
korte bespreking gedicht


Judith Herzberg - Het hart
In: Zoals, 1992





Gastenboek. Onderwerp: Het hart
(11 februari 2012)


Hallo Rozemarijn,

Voor Nederlands moet ik een gedicht van Judith Herzberg analyseren. Het gaat om het gedicht 'Het hart'.

Het is de bedoeling dat ik het metrum, stijlfiguren, beeldspraak, het rijm en de interpretatie bespreek. Op zich snap ik het gedicht best goed en heb zelf geprobeerd wat dingen eruit te halen, namelijk:

- De hele wereld keek = metonymia
- Witte jassen = metonymia
- Het bonsde van belangstelling en willekeurig wachtte het af = pleonasme
- De hele wereld keek, las, / zag foto's van witte jassen, / dacht aan de man, hoe / hij, misschien, weer door kon = enumeratie (opsomming)
- Niemand, iemand 5e strofe = antithese (tegenstelling)
- Iemand, niemand 6e strofe= antithese (tegenstelling)
- Alliteratie= wist, wat het was (5e strofe)
- Misschien ook alliteratie: bonsde van belangstelling en willekeurig wachtte het af (1e strofe)
- Pompte, pompte 3e strofe = repetitio (herhaling) net als: Altijd, altijd 3e strofe; Paste precies, paste precies 4e strofe; Niet, niet 5e strofe; Dacht aan, dacht aan 6e strofe
- Verder dacht ik dat er nog een aantal enjambementen in staan, namelijk: Strofe 2 van de 3e naar de 4e regel; Strofe 3 helemaal; Strofe 4 ook helemaal; Strofe 5 3e naar 4e regel; Strofe 6 3e naar 4e regel; Het 2e deel van het gedicht volgens mij ook helemaal
- Ook dacht ik dat er een wending in het gedicht is, wanneer het van vorm verandert.

Nou is mijn vraag of ik een beetje op het goede spoor zit met mijn analyse. Zelf denk ik dat er nog veel meer uit dit gedicht te halen valt, maar ik kan niets meer vinden. Ook begrijp ik niet helemaal wat het idee van Judith Herzberg is met dit gedicht. Tevens vind ik het moeilijk het metrum te bepalen.

Ik zou het daarom heel fijn vinden als u het gedicht ook nog eens zou willen bekijken en mij misschien verder kunt helpen.

Groetjes Eline.


---


Het hart


Voor het hart was het een kans.
Het bonsde van belangstelling
wilskrachtig wachtte het af
het had nog zo veel schwung.

De hele wereld keek, las,
zag foto's van witte jassen,
dacht aan de man, hoe
hij, misschien, weer door kon.

Iedereens dream. Het hart
pompte zo trouw het dat kon
pompte zoals het dat altijd
deed, altijd gedaan had.

Het paste precies. Alles
was er en paste precies.
Maar iets was er dat
niet meedeed, niet welkom

heette dit iets het hart.
Niemand wist wat het was.
Iedereens angst: dat het niet
pakken zou. Het pakte niet.

Iedereen dacht aan de man,
niemand dacht aan het hart,
hoe het nog zo vitaal, niet eens
binnen eigen ribben, vastliep.

En toen het werd begraven kwam niemand het kerkhof op draven,
niemand riep: 'Ho dat gaat zo maar niet, hier wordt een hart
begraven in een borst die het verstoten heeft. Als het dan toch
de grond in mot doe het dan bij zijn vlees en bloed
want al is dat intussen misschien vergaan
hier heeft het geen kans op rust en zeker niet eeuwig, hier
wordt het eeuwig wroeten dat het misschien, ondanks het bonzen
en het pompen toch aan hem lag. Ik betaal het transport!'


Judith Herzberg
In: Zoals, 1992.




Antwoord     (12 februari 2012)


Dag Eline,

Ik ben heel benieuwd uit welke bundel van Judith Herzberg dit gedicht komt; ik vermoed uit Beemdgras (1968) of een andere bundel van eind jaren '60, begin jaren '70 (of later). Hieronder wordt duidelijk waarom dit een interessant feit is.

Allereerst de vraag: waar gaat dit gedicht precies over? Het gaat over een hart. Dat geeft de titel ook heel duidelijk aan. Maar welk hart? Wat is er zo belangrijk aan dit hart, dat Judith Herzberg er een gedicht over ging schrijven?

In het gedicht worden verschillende dingen beschreven die er gebeuren met dit hart, wie weet maakt dat duidelijk in welke richting we moeten zoeken.

Strofe 1: het hart krijgt een kans (wat voor kans? waarop?); het wacht af (waarop?). Strofe 2: de hele wereld kijkt mee (blijkbaar is dit hart heel erg belangrijk); er zijn 'witte jassen' bezig met dit hart (dit zouden wel eens artsen kunnen zijn). Strofe 3/4: het hart pompt, zoals altijd (waarom is dat vermeldenswaardig?); maar het hart is niet welkom (wie heet het niet welkom? waarom?). Stofe 5: het hart 'pakt niet' (waar iedereen al bang voor was). Strofe 6: het hart is niet 'binnen de eigen ribben', het loopt vast.

Er gaat duidelijk iets helemaal mis met dit hart, het pakt niet, het is niet binnen de eigen ribben, het loopt vast. Ook in de laatste strofe worden er nog een aantal dingen over het hart gezegd: het wordt begraven, het zit 'in een borst die het verstoten heeft', het ligt niet 'bij z'n eigen vlees en bloed'.

Het gaat dus om een hart waar artsen mee bezig zijn, de hele wereld kijkt mee, het loopt mis, het wordt begraven, maar niet bij zijn eigen vlees en bloed, blijkbaar dus bij een ander mens. Als we dit allemaal met elkaar in verband zien, lijkt het te gaan om een harttransplantatie. De vraag is dan: welke harttransplantatie was zo belangrijk dat de hele wereld mee keek? Als ik dan google op "eerste harttransplantatie", dan kom ik terecht bij de allereerste harttransplantatie die werd uitgevoerd in 1967. De patient (een man) die het nieuwe hart kreeg, overleed 18 dagen na de operatie. Het hart was van een meisje dat dood was gegaan bij een verkeersongeluk. Dit zou allemaal prima kunnen kloppen met de beschrijvingen in het gedicht. Daarom vermoed ik dat het gedicht uit een bundel stamt van ergens na 1967, als dat zo is, dan kunnen we met nog wat meer zekerheid zeggen dat het waarschijnlijk om die eerste harttransplantatie gaat (als het om een vroegere bundel zou gaan, dan is deze interpretatie natuurlijk onmogelijk!).


Als we nu het gedicht opnieuw langslopen, en er vanuit gaan dat het om die eerste harttansplantatie uit 1967 gaat, dan lijkt alles wat in het gedicht over het hart wordt gezegd, op z'n plek te vallen.

Strofe 1: het hart krijgt een nieuwe kans (het meisje is dood, het hart krijgt nog een kans om verder te leven), het bonst, het wacht af. Strofe 2: De wereld kijkt mee, er zijn mannen in witte jassen (artsen), de man (die het hart krijgt) kan misschien weer door. Strofe 3/4: het hart pompt door, het past, maar het wordt niet welkom geheten (het wordt afgestoten door het lichaam van de man). Strofe 5: het pakt niet. Strofe 6: iedereen denkt aan de man (die dood is gegaan na de operatie); maar niemand denkt aan het hart dat is vastgelopen, niet eens binnen zijn eigen ribben, maar in het lichaam van iemand anders.

Dan de slotstrofe: Dan wordt de man begraven, met het nieuwe hart. Maar het hart zit in een lichaam dat het verstoten heeft. Herzberg stelt de vraag: zouden we het hart niet moeten begraven bij z'n eigen vlees en bloed (in het graf van het meisje)? Wie weet kan het hier geen rust vinden en voelt het hart zich schuldig (denkt misschien 'dat het aan hem lag' dat de man alsnog is doodgegaan na de operatie). Maar niemand bekommert zich om het hart, niemand komt naar het kerkhof om dat te regelen, niemand betaalt het transport (om het hart van het graf van de man naar het graf van het meisje te brengen).


Judith Herzberg neemt in dit gedicht dus een gebeurtenis uit het werkelijke leven (de eerste harttransplantatie). Ze laat het echter niet bij een beschrijving. Ze gebruikt het om vragen te stellen bij het gebeuren en mensen te laten nadenken.


Er zit inderdaad een duidelijke tweedeling in het gedicht, zowel inhoudelijk als wat betreft vorm. De eerste zes strofen (zes kwatrijnen) gaan over de operatie en het mislopen ervan. De laatste strofe, die een heel ander vorm heeft (langere strofe, langere regels) gaat over de vragen die Herzberg stelt bij de begrafenis.

Je zou kunnen zeggen: de eerste zes strofen zien eruit als een soort regelmatige harteklop; in de laatste strofe stopt die regelmatige harteklop. Het hart is dood, begraven, en het gaat nu om de vragen die restten.


Dan noem je nog een aantal kenmerken van het gedicht. Het gedicht heeft inderdaad geen vast metrum (al zijn er wel afzonderlijke regels die een metrum hebben; ook in de slotstrofe is vrij veel gebruik gemaakt van metrum).

Er zit meerdere keren een versbreking in en ook meerdere enjambementen. Versbreking (de zin is korter dan de regel): str. 3, r. 1 en str. 4, r. 1. Een enjambement is een zin (van hoofdletter tot punt) die over meerdere regels doorloopt. Strofe 4 dus niet helemaal: hier zijn 2 enjambementen: r. 1-2 en r. 3-4. Deze laatste loopt zelfs door over de strofe, naar str. 5 r. 1.

Het gedicht kent geen eindrijm. Maar Judith Herzberg heeft wel veel gebruik gemaakt van klank: alliteratie, assonantie, maar ook binnenrijm en assonerend rijm (alleen klinkers 'rijmen').

Voorbeelden (zeker niet compleet):
Alliteratie: str.1: bonsde-belangstelling, wilskrachtig-wachtte; str.4: paste-precies; slotstrofe: begraven-borst. Assonantie: str.1: hart-kans, wachtte-af; str.2: dacht-man; str.6 dacht-man, dacht-hart, binnen-ribben; slotstrofe: borst-verstoten-toch, grond-mot, pompen-transport. Binnenrijm: slotstrofe: begraven-draven. En let ook op assonerend rijm (een klinker wordt herhaald in woorden op het regeleinde), bijv.: kans-af, las-jassen, hart-had, alles-dat, hart-was, man-hart, enz. Ook andere klinkers worden zo gebruikt, bijv. in de slotregels: bonzen-(pompen)-transport.

Omdat het gedicht gaat om het 'hart', zal het vast geen toeval zijn dat Herzberg zoveel gebruik maakt van de kort a-klank. In de laatste strofe (als het hart dood is), worden er andere klanken belangrijk, bijv. de lange aa, en de korte o. Het gedicht verandert dan dus niet alleen van vorm, maar ook van klank. Vorm en klank ondersteunen dus de inhoud van het gedicht.

Door veel gebruik te maken van klank binnen een gedicht, ontstaat er een grotere samenhang en gevoel van eenheid in de tekst.


Tot slot: in de versie van het gedicht die je me stuurde, zitten volgens mij een paar typefouten (zie hieronder: 3e strofe, 5e strofe, en laatste strofe r. 5).


Ik hoop dat je zo weer verder kunt met de analyse en de bespreking van je gedicht. Je kunt mijn website als bronvermelding opnemen. Veel succes met je werkstuk. Ik hoop dat je er iets moois van maakt en er een goed cijfer voor zult krijgen. Je hebt er in ieder geval alles aan gedaan om het gedicht goed uit te pluizen.

Met vriendelijke groet,

Rozemarijn.

www.rozemarijnonline.net - Kenmerken van poezie
www.rozemarijnonline.net - Gedichten met een bespreking

---

Bron: Rozemarijn van Leeuwen, 'Over poëzie. Een aantal kenmerken van poëzie uitgelicht'. Op: http://www.rozemarijnonline.net/poezie_kenmerken.html

© copyright bespreking: zie onderaan pagina.





Re:     (12 februari 2012)


Hallo Rozemarijn,

Heel erg bedankt voor uw hulp met de analyse.

Het gedicht komt niet uit de gedichtenbundel Beemdgras maar uit de gedichtenbundel Zoals uit 1992. Maar de redenering over de eerste harttransplantatie zou ik als nog heel passend vinden.

Ik vind het erg fijn dat u er zo uitgebreid aandacht aan besteed hebt. Het heeft mij ontzettend veel geholpen, dus nogmaals bedankt. Sorry voor de typfouten in het gedicht, ik had hem van internet gehaald, zodat ik niet alles zelf zou hoeven te typen, maar dat is natuurlijk niet altijd betrouwbaar!

Ik zal bij mijn presentatie ook zeker uw website vermelden!

Groetjes Eline.





Re:     (12 februari 2012)


Dag Eline,

dank voor je berichtje, fijn dat je wat aan mijn mail had.

Ik heb er nog over gedacht of er misschien begin jaren '90 ook nog een hartoperatie is geweest die wereldwijde belangstelling heeft getrokken, maar ik kon niets verzinnen of achterhalen. Ook dat het om een man ging, die het uiteindelijk niet haalde, klopt met die eerste harttransplantatie; dus het levert wel een sluitende interpretatie op. Ik ben bang dat niet met zekerheid te achterhalen valt wat voor Herzberg precies de aanleiding is geweest om dit gedicht te schrijven.

Nogmaals succes met je voorbereidingen; je had natuurlijk al veel uit het gedicht gehaald, dus het gaat vast goedkomen.

Met groet weer, Rozemarijn.







Bespreking gedicht: Rozemarijn van Leeuwen (februari 2012)   © zie hieronder.
Gedicht: Judith Herzberg, Het hart. In: Zoals, 1992.

Overzicht alle besprekingen gedichten: Lijst gedichten met bespreking.




© copyright 2012. Het is alleen toegestaan om gegevens van deze pagina over te nemen met gebruikmaking van de volgende verwijzing:
Rozemarijn van Leeuwen, Versanalyse en interpretatie. Judith Herzberg, Het hart (2012). Bron: http://www.rozemarijnonline.net/poezie_gedichten.html.





Overzicht van gedichten:
lijst van gedichten met bespreking




<  
  >