RozemarijnOnline




Versanalyse en interpretatie
-
korte bespreking gedicht






















Versanalyse en interpretatie
korte bespreking gedicht


E. du Perron - Sonnet van burgerdeugd
In: De Gids, 1928





Gastenboek. Onderwerp: Gedicht analyseren
(3 juli 2012)


Beste Rozemarijn,

Ik heb je site bezocht en alles lijkt mij helder. Je legt alles heel goed uit. Ik heb voor de derde keer mijn poëzietentamen NIET gehaald. Ik vind het ontzettend moeilijk. In de klas snap ik alles en bij het tentamen raak ik in paniek en ga ik twijfelen. Ik kwam gister pas achter jouw site. Heb jij een goede tip voor mij?

Ik stuit steeds op het volgende: de interpretatie. Ik snap het gedicht gewoon niet. Het mooie/gekke van jouw uitgewerkte interpretaties is dat ik (nadat ik jouw analyse heb gelezen) het gedicht dan WEL begrijp. Ik zie dat jij strofe voor strofe analyseert en dan tot een uiteindelijke conclusie komt. Het thema, dat is ook een ramp, althans voor mij. Hoe verwoord je op correcte wijze een thema?

Ik hoop op jouw reactie.

Olivia.

PS: Je hebt een erg prettige stem om naar te luisteren (voordracht gedichten op YouTube), prachtig en rustgevend.




Antwoord     (4 juli 2012)


Dag Olivia,

wat ontzettend vervelend dat je al voor de derde keer een tentamen niet hebt gehaald.

Mijn tip zou zijn: vraag aan je docent of je het nagekeken tentamen mag inzien. Dan kun je wellicht achterhalen op welke punten het fout gaat. Ook zou je de docent kunnen vragen om de foute antwoorden door te spreken. Wellicht kan hij nog meer uitleg geven.

Voor het thema gaat het erom een overkoepelend woord te vinden. Bijv. voor een gedicht over een meisje dat met poppen speelt is het thema misschien 'de kindertijd', of voor een gedicht over een oude vrouw die niet veel meer te doen heeft in haar leven, is het thema misschien 'eenzaamheid'. Probeer de belangrijkste verhaallijn van het gedicht in een algemene term te omschrijven (een woord, hooguit een paar woorden).

Dan de interpretatie. Als je er niet uit komt, probeer dan aan 3 vuistregels te denken.

1. wat is de titel? Soms heb je geluk, en geeft de titel een korte samenvatting of een aanwijzing van het thema.

2. lees een gedicht nooit van regel tot regel, maar van zin tot zin. Hiermee bedoel ik: een regel is alles op 1 hoogte (gevolgd door wit). Maar een zin loopt van de hoofletter aan het begin tot aan de punt (en loopt vaak over meerdere regels).

Soms is het lastig te zien, als de dichter bijv. helemaal geen interpunctie gebruikt. Maar vraag jezelf af: als je het gedicht moet uitschrijven is proza, waar zou je dan steeds de hoofdletter plaatsen, en waar de punt? Als oefening kun je het zelfs een keer uitproberen. Je zult zien, dat de tekst dan veel makkelijker leest.

Als je leest van regel tot regel, dan 'stokt' de inhoud steeds, en zul je nooit de betekenis van de tekst vinden, hoe lang je het ook herleest.

(En inderdaad, als je van zin tot zin leest, noteer dan vervolgens per strofe wat er in die strofe gezegd wordt).

3. Als je het echt niet begrijpt, stel jezelf dan de vraag of het heeel misschien over een van de meest voorkomende thema's gaat. De twee meest voorkomende thema's in gedichten zijn: de liefde en de dood. Ook best vaak gaan gedichten over vergankelijkheid/eindigheid, en ook best vaak over schrijven/dichterschap.

Lees het gedicht dan nog eens door met in je achterhoofd: zie je ergens een aanwijzing in de tekst dat het gaat over iets als liefde, dood, vergankelijkheid, schrijven? Soms worden vage omschrijvingen dan ineens duidelijk (bijv. 'nu zal ik je nooit meer zien', zou wel eens over de dood kunnen gaan, 'de hand van de dichter', zou dat niet over schrijverschap kunnen gaan; enz.).

Hopelijk kom je zo verder en haal je toch nog je tentamen! Veel succes, Olivia!

Met vriendelijke groet,

Rozemarijn.

www.rozemarijnonline.net/poeziegeschiedenis.html
www.rozemarijnonline.net/poezie_versanalyse.html





Re:     (4 juli 2012)


Hoi Rozemarijn,

Ik heb een willekeurig gedicht geanalyseerd: 'Sonnet van burgerdeugd'. Heb geen idee waar het over gaat, maar toch geanalyseerd. In de bijlage de uitwerking. Ik hoop dat je snel reageert, zodat ik een positief gevoel heb morgen.

Groetjes,

Olivia.

---

Sonnet van burgerdeugd


De trammen tuimlen door de lange straten;
Al 't leven buiten, en de ramen dicht;
Wat thee voor ons en de avond te verpraten.
De lamp streelt rustig ons voornaam gezicht.

Inbrekers, wurgers, rovers en piraten,
En de eerste Zondvloed en het laatst Gericht -
Elke onrust heeft ons deugdzaam hart verlaten.
O thee! o vriendschap! o kalmerend licht!

Straks 't balsemende donker, morgen lopen
Wij opgefleurd te kopen of verkopen:
God levert de eerzucht en het daaglijks brood.

Genoeg vermoeienis om 's nachts te slapen;
Alle overgangen tussen lach en gapen;
En aan het eind, de Liefderijke Dood.


E. du Perron
In tijdschrift: De Gids, 1928.





Re:     (5 juli 2012)


Dag Olivia,

ik zie dat je er heel veel hebt uitgehaald. Ook kan ik aan je bespreking zien dat je je echt hebt verdiept in de terminologie en het systematisch analyseren hebt geoefend. Soms denk ik dat je er eerder iets tevéél uithaalt (maar dat weet ik niet zeker, want ik weet niet hoe jij het hebt geleerd).

Het thema, 'de vergankelijkheid van het leven' zou heel goed kunnen. Het gaat over het (dagelijks) leven en aan het eind wordt de dood genoemd. Mijn vraag zou dan wel meteen zijn: wat betekent dan de titel? Als een gedicht gaat over de vergankelijkheid van het leven, waarom heet het dan 'sonnet van burgerdeugd'? Wat is burgerdeugd en hoe hangt dat samen met de dood in de laatste regel?

Online zag ik dat dit een gedicht is van E. du Perron, uit 1928. Het stamt dus uit het begin van de 20e eeuw.

Je schrijft dat je geen idee hebt waar het gedicht over gaat. Ik zal de strofes langslopen.


De eerste strofe beschrijft de situatie: buiten is er drukte (trammen enzo), binnen is het rustig: twee (of meer?) mensen zitten te praten, drinken thee, de lamp schijnt rustig.

In de tweede strofe wordt herhaald dat het binnen rustig is (geen onrust; kalmerend licht). Alles wat je onrustig kan maken (inbrekers, wurgers, rovers), al die onrust is uit hun hart verdwenen. Binnen is er niets anders dan thee, vriendschap en lamplicht.

Al die onrust die uit hun hart is gebannen kun je in twee soorten verdelen: 'inbrekers, wurgers, rovers en piraten' zijn gevaren in de buitenwereld. Daar kun je onrustig over zijn, maar nu voelen deze mensen die onrust niet. Daarnaast is er ander soort onrust mogelijk, die van 'de eerste zondvloed en het laatst gericht'. Dit zijn bijbelse termen. 'De zondvloed' was een straf van God; 'het laatst gericht' is: het laatste oordeel dat ieder mens krijgt na z'n sterven.

Dus de tweede strofe zegt eigenlijk: er is geen onrust meer in ons hart, geen onrust door de buitenwereld (inbrekers, wurgers) en geen onrust over religieuze zaken (straf van God) - ons hart is deugdzaam. In het hier en nu is er alleen: vriendschap, thee, kalmerend licht.

Let op dat hier het woord 'deugdzaam' uit de titel terugkeert.

De derde strofe: straks zal de nacht aanbreken, morgen breekt de dag weer aan, ga je weer geld verdienen of geld uitgeven, werken voor je dagelijks brood.

De vierde strofe: aan het eind van de dag ben je weer moe genoeg om te slapen. Je gaat van lachen (overdag) tot gapen ('s avonds). En aan het eind wacht de 'liefderijke dood'.

Mogelijk wordt met de slotzin bedoeld: aan het eind van het leven, wacht de dood. Alle dagen verlopen zo ongeveer als in dit gedicht, en aan het eind wacht een 'liefderijke dood'. Maar dat staat eigenlijk nergens. Het gaat over: gaan slapen, gapen - dus hij kan ook bedoelen dat aan het eind van de dag de slaap wacht (slaap wordt wel de 'kleine dood' genoemd).


Kortom: het gedicht beschrijft een avond met vriendschap, thee en lamplicht. Buiten is er drukte, maar binnen is het rustig. Alle onrust is uit het hart verdreven, zowel de onrust van de wereld, als religieuze angsten. De nacht zal gaan aanbreken, en de volgende dag zullen ze gaan werken, geld verdienen, geld uitgeven. Dat maakt je aan het eind van de dag weer moe genoeg om te gaan slapen, en aan het eind wacht de 'liefderijke dood' - aan het eind van de dag wacht de liefderijke slaap (de 'kleine dood'); of, als alle dagen zich zo herhalen, dan wacht aan het eind van het leven de dood.


Wat betekent nu in dit licht de titel: 'sonnet van burgerdeugd'?

Het leven dat hier wordt beschreven is veilig, zonder onrust, ook wel prettig, met vriendschap - maar ook wel een beetje saai, met als bezigheden vooral 'kopen en verkopen', het 'dagelijks brood' verdienen. De personen hebben een 'deugdzaam hart' (strofe 2) en leven een burgerlijk leven van werken, rustig binnen zitten, en slapen.

Rond 1900 (de tijd van industrialisering, opkomst van -arme- fabrieksarbeiders) worden er burgerlijke deugden aangeprezen als vlijt/hard werken, zuinigheid, orde en netheid.

In dit 'sonnet van de burgerdeugd' worden een aantal personen geschetst die brave burgers zijn, en volgens de 19e- / begin 20e-eeuwse deugden leven. Het lijken mij brave, maar ook in slaap gesuste mensen, die niet meer de (gevaarlijke) wereld (van rovers en piraten) in gaan, en zo het leven buiten de gesloten vensters een beetje langs zich heen laten gaan.

Du Perron is daar niet zo positief over. De (jubelende) uitroepen in de 2e strofe ('o thee! o kalmerend licht!) klinken mij ironisch in de oren. Ook de 3e strofe lijkt mij ironisch bedoeld: na het slapen gaan wij weer 'opgefleurd kopen en verkopen'. Dat klinkt toch als een leeg bestaan, dat vooral draait om een baan/carri¸re ('eerzucht') en 'dagelijks brood'.

Du Perron zelf was een dichter, een kunstenaar, die dan weer in Parijs, dan weer in Brussel woonde en bevriend was met allerhande kunstenaars.

Het gedicht geeft een kritische kijk op het burgerlijke leven en het ideaal van de burgerlijke deugden van begin 20e eeuw. Mede op basis van de titel zou ik als het thema van het gedicht dan ook kiezen voor iets als: de leegheid van het (deugdzame) burgerlijke bestaan.


Dan tot slot noem je een heel aantal formele kenmerken. Iets over een paar daarvan

- het is een sonnet, maar (naar mijn idee) zonder duidelijke volta (wending). Misschien een beetje tussen str. 2 en 3, of net voor de laatste regel.
- enjambement in strofe 3 (lopen... wij) klopt
- repetitio strofe 2 (3x 'O') klopt. Iets als ''t' valt volgens mij niet onder repetitio (net als dat er wel vaker 'het' of 'de' in het gedicht voorkomt - dat is geen bewuste herhaling van woorden).
- strofe 2, r. 1-2 is een opsomming (enumeratie), die eindigt in een climax.


Nou, Olivia, je hebt er alles aan gedaan om je tentamen deze keer wel te halen. Ik hoop echt dat het lukt. En dat je deze keer gedichten krijgt die duidelijk en goed te begrijpen zijn.

Veel succes en met vriendelijke groet weer,

Rozemarijn.

www.rozemarijnonline.net/poeziegeschiedenis.html
www.rozemarijnonline.net/poezie_versanalyse.html

- © onderaan pagina





Re:     (5 juli 2012)


Beste Rozemarijn,

Nogmaals hartelijk bedankt. Ik ben toch opgelucht dat ik je mail vanmorgen (7.35) nog heb kunnen lezen. Je uitleg is fantastisch.

Ik heb een goed gevoel over dit tentamen en IK GA ER OOK VOOR. Ik ga het deze keer echt halen!!!!!

Ik houd je op de hoogte van het resultaat.

Groetjes en een fijne dag.

Olivia.





Re:     (9 juli 2012)


Beste Rozemarijn,

Ik heb het tentamen NIET gehaald, het is zelfs slechter gemaakt dan voorgaande keren. Ik heb alles gehaald tot nu toe. Alleen poëzie niet en zonder dat vak krijg ik mijn propedeuse (opleiding 2e graad Nederlands) niet. Ik ben nu echt ten einde raad.

In augustus zou ik mijn diploma moeten halen, maar zonder poëzie krijg ik het niet. Ik ben nu niet meer zo optimistisch. Ik heb een decaan die mij goed heeft geholpen in het verleden, maar die is nu met vakantie.

De docent stelde voor om morgen het werk in te komen zien, maar het heeft voor mij geen nut, het cijfer verandert niet. Ik wil het werk wel inzien maar in september als de school weer begint.

Bedankt voor al je hulp. Met vriendelijke groet en een fijne vakantie,

Olivia.









Bespreking gedicht: Rozemarijn van Leeuwen (juli 2012)   © zie hieronder.
Gedicht: Charles Edgar du Perron, Sonnet van burgerdeugd. In tijdschrift: De Gids, 1928.

Overzicht alle besprekingen gedichten: Lijst gedichten met bespreking.




© copyright 2012. Het is alleen toegestaan om gegevens van deze pagina over te nemen met gebruikmaking van de volgende verwijzing:
Rozemarijn van Leeuwen, Versanalyse en interpretatie. E. du Perron, Sonnet van burgerdeugd (2012). Bron: http://www.rozemarijnonline.net/poezie_gedichten.html.





Overzicht van gedichten:
lijst van gedichten met bespreking




<  
  >