RozemarijnOnline




Versanalyse en interpretatie
-
gedicht analyseren






















Versanalyse en interpretatie
analyse gedicht


Piet Paaltjens - Zooals ik eenmaal beminde
Snikken en grimlachjes (1867)



 >



Onderwerp: Gedicht Piet Paaltjens
(16 november 2021)


Beste Rozemarijn van Leeuwen,

Voor school moet ik een gedicht analyseren. Tot nu toe gaat dit erg moeizaam en heb ik hier erg veel moeite mee. Het gaat om het gedicht 'Zoals ik eenmaal beminde' van Piet Paaltjens.

Ik hoopte eigenlijk dat u mij zou kunnen helpen met het analyseren van dit gedicht. Alvast heel erg bedankt voor de moeite!

Met vriendelijke groet,

Charlotte.

---


 


 1.
 2.
 3.
 4.

 5.
 6.
 7.
 8.

 9.
10.
11.
12.

13.
14.
15.
16.
C.


Zooals ik eenmaal beminde,
Zoo minde er op aarde nooit een,
Maar 'k vond, tot wien ik mij wendde,
Slechts harten van ijs en van steen.

Toen stierf mijn geloof aan de vriendschap,
Mijn hoop en mijn liefde verdween,
En zooals mijn hart toen haatte,
Zoo haatte er op aarde nooit een.

En sombere, bittere liederen
Zijn aan mijn lippen ontgleên;
Zoo somber en bitter als ik zong,
Zoo zong er op aarde nooit een.

Verveeld heeft mij eindlijk dat haten,
Dat eeuwig gezang en geween,
Ik zweeg, en zooals ik nu zwijg,
Zoo zweeg er op aarde nooit een.


Piet Paaltjens
In: Snikken en grimlachjes (1867).



∗       ∗       ∗



Antwoord    (19 november 2021)


Dag Charlotte,

Bij een negentiende-eeuws gedicht als dit, scheelt het om iets te weten van de achtergrond en de stroming waarin het werd geschreven. Hopelijk helpt dat je op weg met de bespreking van het gedicht 'Zoals ik eenmaal beminde' van Piet Paaltjes.



De Romantiek, melancholie en humorcultus


Piet Paaltjens (1835-1894, zijn echt naam was Francois Haverschmidt), wordt gerekend tot de stroming van de Romantiek. Deze dichters willen de gewone werkelijkheid graag ontvluchten, ze hopen op een ideale wereld of een ideale liefde - maar het leven is vaak niet zo ideaal, en daardoor krijgen ze last van melancholie (zwaarmoedigheid, zwartgalligheid, we zouden nu misschien zeggen: gedeprimeerdheid) en Weltschmerz (letterlijk: lijden aan het leven). Soms gaan ze zelfs verlangen naar de dood.

Hierdoor schrijven dichter uit de Romantiek vaak over de liefde, hun hoop op een ideale liefde, hun teleurstelling daarover, hun zwaarmoedigheid en lijden daarover en zelfs doodsverlangen. Deze thema's vind je ook veel in het werk van Piet Paaltjens.

Sommige dichters in de Romantiek maken hierbij gebruik van humor (de zogenaamde humor-cultus uit de negentiende eeuw): het leven is niet ideaal, het is tragisch, teleurstellend - maar omdat je daar niets aan kunt veranderen, kun je beter maar proberen om er om te lachen. Dit is ook heel kenmerkend voor het werk van Piet Paaltjens: dat hij tragiek combineert met humor, een komische kant (dit heet: tragikomisch, het is tragisch en een beetje komisch tegelijk).

Bijvoorbeeld hij overdrijft graag, schrijft ironisch of spottend, hij lijkt alle ellende en verdriet niet helemaal serieus te nemen. Maar het is dus zeker géén uitsluitend grappige poëzie - achter de humor zit wel degelijk een diep lijden. Hij schrijft dus zwartgallige gedichten, waar toch soms wat luchtigheid in zit, waar je toch soms een beetje om moet glimlachen (denk ook aan de titel van de bundel: Snikken en grimlachjes).



Het gedicht 'Zooals ik eenmaal beminde'


Dan naar het gedicht. Dat staat in het onderdeel 'Immortellen' (dit is de naam van een bloem en betekent: onsterfelijken). In dit onderdeel staan 13 korte gedichten (met Romeinse cijfers erboven, maar de telling loopt niet van 1 tot 13, maar het zijn getallen tussen de 1 en de 100; dit suggereert dat Piet Paaltjens blijkbaar nog veel meer van zulke gedichtjes geschreven had, maar slechts een selectie in deze bundel heeft opgenomen).

Deze gedichten gaan over liefde, vriendschap, verdriet, melancholie en Weltschmerz (en sluiten dus heel precies aan bij die stroming van de Romantiek). Het gedicht 'Zoals ik eenmaal beminde' is de laatste van deze afdeling en heeft als titel de letter 'C' - dit is het Romeinse cijfer 100.

Het gedicht bestaat uit vier strofen van vier regels (kwatrijnen). In elke strofe zitten regels met een gelijk zinsverloop - hoewel de inhoud steeds ietsjes verschilt, volgen de zinnen steeds hetzelfde verloop.

Het gaat om de regels: - zoals ik eenmaal beminde (r.1) / zoals mijn hart toen haatte (r.7) / zo somber als ik zong (r.11) / zoals ik nu zwijg (r.13) en: - zo minde er op aarde nooit een (r.2) / zo haatte er op aarde nooit een (r.8) / zo zong er op aarde nooit een (r.12) / zo zweeg er op aarde nooit een (r.16).

Zinnen met een gelijk zinsverloop wordt parallellisme genoemd.

Hierin heeft hij dus een redenering waar hij steeds ietsjes op varieert. Zo zit er dus een heel sterke samenhang in het gedicht.


In elke strofe is hij heel stellig. In strofe 1 zegt de 'ik': zoals ik liefheb, zo heeft er nog nóóit iemand liefgehad op de hele aarde (dit is natuurlijk een overdrijving, een hyperbool). Maar de liefde werd nooit beantwoord (het thema van het teleurgesteld raken in de hoop op een ideale liefe).

In strofe 2 raakt de 'ik' teleurgesteld in vriendschap. Daardoor begint hij te haten, en ook die haat is weer absoluut, de ergste haat die er ooit op aarde was. Door zo'n hyperbool kunt je hem als lezer natuurlijk niet helemaal serieus nemen, het is zó overdreven, dat je er een beetje om moet glimlachen.

In strofe 3 barst hij dan in gezang uit en ook dat is weer het aller-somberst en aller-bitterst ooit op aarde (hyperbool). Dit gezang kan ook een verwijzing zijn naar dichterschap (liederen en gedichten zijn beide lyrische teksten).

In strofe 4 krijgt de 'ik' er genoeg van. Hij raakt verveeld door het haten (uit str.2), het zingen (uit str.3) en het wenen. Hij zwijgt en ook dat is weer het grootste zwijgen ooit op aarde. Je kunt het 'zwijgen' ook interpreteren als de dood (wie zwijgen er het meest op aarde? mensen die al dood zijn) - dan zou deze strofe gaan over doodsverlangen of over de dood, wat een terugkerend thema is in het werk van Paaltjens.


Inhoudelijk is het gedicht dus heel tragisch: zijn liefde wordt niet beantwoord (str.1), hij raakt teleurgesteld in vriendschap (str.2), hij wordt zwaarmoedig, melancholisch (str.3) en uiteindelijk komt hij tot zwijgen, stilte, wat natuurlijk juist voor een dichter vreselijk is (str.4).

Hier heeft Paaltjens luchtigheid, enig humor, in gebracht door het gebruik van de hyperbool. Dit is een techniek (uit de humorcultus) om het gedicht tragikomisch te maken. Het hele gedicht is zó overdreven, dat je het niet meer letterlijk kunt nemen, dat je het niet meer serieus kunt nemen - en daardoor kun je er om glimlachen.

Je ziet dus dat dit gedicht naadloos past bij de stroming van de Romantiek en de humorcultus van de negentiende eeuw.



Formele kenmerken


Tot slot nog enkele formele kenmerken.

De regels hebben een gelijke lengte van elk drie beklemtoonde lettergrepen (drie versvoeten).

In de meeste regels is het metrum een afwisseling van zwak-sterk-zwak. Dat heet een amfibrachys. Bijv.:
toen stierf mijn geloof aan de vriendschap.

Echter in sommige regels gaat hij over op sterk-zwak-zwak. Dat heet een dactylus. Bijv:
zijn aan mijn lippen ontgleen.

Ook moet je soms elisie toepassen (een lettergreep samentrekken) om het metrum aan te kunnen houden. Bijv.:
zo mind' er op aarde nooit een (r.2)
of
zo haatt' er op aarde nooit een (r.8).


In het gedicht is een opmerkelijk rijmschema aangehouden. Het gaat om gebroken rijm (abcb). Maar de rijmklank is in het hele gedicht steeds dezelfde, namelijk: -een (een-steen; dween-een; gleen-een; ween-een). Daarbij wordt het woord 'een' in elke strofe letterlijk herhaald.


Ik moet het hierbij laten. Ik hoop dat het je een stapje verder helpt om een goed verslag te schrijven. Veel succes ermee,

met vriendelijke groet,

Rozemarijn.


•  Kenmerken van poëzie

•  Alle gedichten met een bespreking


---


Artikelen:

nl.wikipedia.org/Piet_Paaltjens

kb.nl/themas/piet-paaltjens

https://www.literatuurgeschiedenis.org/snikken-en-grimlachjes

theses.ubn.ru.nl/veggel

H. Lodewick, 'De humoristen', In: Literatuur. Geschiedenis en bloemlezing (1968).



∗       ∗       ∗



Bespreking gedicht: Rozemarijn van Leeuwen (november 2021).

Gedicht: Piet Paaltjens, 'Zooals ik eenmaal beminde'. In: Snikken en grimlachjes (1867).

© copyright 2021. Het is alleen toegestaan om kort te citeren uit bovenstaande bespreking met de volgende verwijzing:
Rozemarijn van Leeuwen, Versanalyse en interpretatie. Analyse van het gedicht 'Zooals ik eenmaal beminde' van Piet Paaltjens (2021). Bron: https://www.rozemarijnonline.net/poezie/paaltjens-beminde.html.

Overzicht alle besprekingen gedichten: Lijst gedichten met bespreking.



∗       ∗       ∗



Lees meer:

poëziegeschiedenis

kenmerken van poëzie        analyseren en interpreteren

alle gedichten met een bespreking




 >